Al jaren houden werknemers met lage lonen weinig of niets over als ze een bruto loonsverhoging krijgen. Dat noemt men de lageloonval. Bij een hoger brutoloon horen telkens ook verhogingen van bijdragen en vallen bepaalde sociale tegemoetkomingen weg, waardoor de bruto loonsverhoging als het ware verdampt.
Bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid afschaffen
Een van die bijdragen die invloed hebben op een bruto loonsverhoging is de bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid. Die werd in 1994 ingevoerd, maar zou nu gefaseerd afgeschaft worden. In de eerste fase, vanaf 1 april 2022, wordt de bijdrage verminderd voor lagere en middeninkomens. Met ook een extra voor koppels die gemeenschappelijk worden belast. Al blijft het zo dat je al vanaf een laag loon een bijzondere bijdrage moet betalen. Het was een van de vragen van het ACV om dat bij voorrang aan te pakken.
Werkbonus voor meer werknemers toegankelijk
Daarnaast verhoogt de regering eenmalig de werkbonus. De werkbonus houdt in dat werknemers met een brutoloon dat onder een bepaald bedrag blijft, minder RSZ-bijdrage betalen en dus een hoger nettoloon overhouden. Bovenop komt dan nog eens de fiscale werkbonus, ongeveer 1/3 van het bedrag van de sociale werkbonus. In de mini taxshift werd nu afgesproken dat die bovengrens voor het brutoloon wordt opgetrokken tot 2 840,61 euro (waar dit tot vandaag 2 771,79 euro was). Op die manier kunnen dus meer werknemers genieten van de bijdragevermindering en een hoger nettoloon overhouden. ‘Dat is sowieso een goede zaak’, vindt Chris Serroyen van het ACV. ‘Het is enkel teleurstellend dat dit bij een eenmalige verhoging blijft.’
Minimumloon stijgt met 80,95 euro
In het interprofessioneel akkoord voor 2021-2022 werd een stijging van het minimumloon met 76,28 euro bruto vanaf 1 april 2022 opgenomen. Omdat in februari de spilindex waarschijnlijk al voor een derde keer overschreden wordt, besliste de Nationale Arbeidsraad om ook het bedrag dat erbij komt volledig te indexeren. Dat komt neer op een verhoging van 80,95 euro bruto per maand voor de werknemers, met daardoor ook een extra stijging van de werkbonus. Dat zou het nieuwe minimumloon op 1 april op 1 806,18 euro bruto per maand brengen. En de maximale sociale werkbonus op 228,48 euro, met 75,72 euro fiscale werkbonus bovenop.
Kwalen en compensaties
‘Op het eerste gezicht dus waardevolle beslissingen’, vervolgt Chris Serroyen. ‘Toch blijven we zitten met enkele kwalen. Zo worden de grensbedragen voor die bijzondere bijdrage niet geïndexeerd, waardoor almaar meer lagere inkomens de bijzondere bijdrage moeten betalen. Terwijl hogere inkomens de bijdragevoet in verhouding tot hun inkomen zien afnemen. Dit is een begin van oplossing voor de lageloonval, maar nog ruim onvoldoende. Het blijft nog altijd zo dat lagere lonen van de laatste euro die ze verdienen merkelijk meer kwijt zijn dan hogere lonen.’
En uiteraard: al deze maatregelen kosten geld. De dubbele operatie rond de bijzondere bijdrage en de werkbonus zou de sociale zekerheid van de werknemers 300 miljoen euro kosten op jaarbasis (waarvan al 225 miljoen in 2022). ‘Kosten die de federale overheid compenseert door onder meer een taks op korte vliegtuigvluchten en een verhoging van de accijnzen op tabak. Maar dan moet dat geld wel volledig naar de sociale zekerheid vloeien. En dat is nog niet gegarandeerd’, besluit Chris Serroyen.

