Vanaf vandaag betalen auto-importeurs tarieven tot 37,6 procent boven op de prijs en de al bestaande heffing van tien procent om elektrische wagens uit China naar de EU te verschepen voor verkoop. Zo wil de Europese Commissie een dam opwerpen tegen Chinese elektrische wagens die onze markt overspoelen. De kunstmatig lage prijs is volgens de Europese beleidsmakers alleen mogelijk dankzij enorme financiële steun van de Chinese overheid.
‘Onze auto- en maakindustrie moet opboksen tegen producenten die dankzij staatssubsidies van de Chinese overheid onze markt veroveren’, zegt ook Lieve De Preter van ACV-CSC METEA. Volgens de voorzitter van de vakbondscentrale zien we de gevolgen nu al. ‘Die oneerlijke concurrentie lag bijvoorbeeld ook deels aan de basis van de malaise bij Van Hool.’
Bij de aankondiging in juni van de importheffingen reageerde Peking al misnoegd. Gisteren roerden ook de Duitse autobouwers zich plots. Ze hoopten dat de Commissie in extremis de geplande invoering van de tarieven zou afblazen. Volgens ingewijden spelen daar vooral economische redenen, want zo produceren bijvoorbeeld BMW en Dacia ook in China. Die merken zullen dan voortaan ook die tarieven moeten ophoesten om hun wagens in Europa aan de man te brengen.
Alleen verliezers
Bijkomende vrees is dat China op zijn beurt zal reageren met heffingen op Europese wagens, terwijl het de grootste afzetmarkt buiten de EU is voor de Duitse constructeurs. Ook De Preter deelt die bezorgdheid: ‘We moeten een handelsoorlog vermijden, want dan zijn er alleen verliezers, met op de eerste plaats de werknemers.’
‘De importtarieven die sinds vandaag gelden kunnen daarom alleen een tijdelijke maatregel zijn’, gaat De Peter verder. ‘Een onderhandelde oplossing tussen alle partijen kan eerlijke concurrentie mogelijk maken, op voorwaarde dat ook werknemers en vakbonden erbij betrokken worden.’
Nog niet definitief
Ondertussen blijft de EU inderdaad praten met China. Pas in november valt de definitieve beslissing over het beleid rond de import uit het land. Die zal afhangen van het resultaat van de onderhandelingen tussen de twee economische machtsblokken en de houding van de individuele lidstaten binnen de EU.
‘De stem van de werknemers moet in die onderhandelingen blijven klinken. Want deze Europese maatregel is maar een van de vele aspecten van een integraal Europees industriebeleid om de auto-industrie en maakindustrie te transformeren.’ ACV-CSC METEA zegt zich daarom te blijven inzetten om op regionaal, nationaal en Europees vlak een brede maakindustrie en zijn werknemers een toekomst te geven en het lokaal te verankeren.

