1 januari 2019 ging Vlaanderen van start met het groeipakket, de opvolger van de kinderbijslag. Bij de zesde staatshervorming in 2014 werd een heel aantal bevoegdheden naar de regio’s overgeheveld. Een daarvan was de invulling en uitbetaling van de kinderbijslag. Volgens de grootse aankondiging van de Vlaamse regering zou het groeipakket op alle vlakken een verbetering zijn ten opzichte van het oude federale systeem. ‘Geen enkel gezin krijgt minder dan het bedrag in het huidige kinderbijslagsysteem’, klonk het toen. Maar met de vernieuwing werden de progressief stijgende toeslagen per kind en de leeftijdstoeslag geschrapt. Sindsdien krijgt ieder kind hetzelfde maandelijkse basisbedrag van 169,79 euro en een éénmalig startbedrag van 1 167,33 euro.
Voorlopig geldt een overgangsregeling, waarbij kinderen die geboren zijn voor 1 januari 2019 nog onder het oude systeem vallen. Dat zorgt niet enkel voor ingewikkelde berekeningen voor gezinnen met kinderen die onder beide bijslagsystemen vallen, maar ook voor ongelijkheid. Een gezin met één kind geboren in 2019 krijgt volgens berekeningen van de Gezinsbond over de hele jeugd maar liefst 13 937 euro meer dan een gezin met één kind geboren in 2018. Gezinnen met één of twee kinderen gaan er als enigen op vooruit in het nieuwe systeem.
Verliezers
Volgens Jolien De Norre van de ACV-studiedienst bevat het groeipakket ondanks enkele positieve punten ook een aantal problematische aspecten. ‘Het Federaal Planbureau heeft het groeipakket vorig jaar al eens aan een grondige studie onderworpen. Daaruit bleek dat onder het nieuwe systeem het armoederisico toeneemt bij grote gezinnen vanaf vier kinderen en bij éénoudergezinnen. Zij zijn dus grote verliezers van het nieuwe systeem.’
‘Daarnaast zullen door de afschaffing van de leeftijdstoeslagen gezinnen met tieners ook verliezen in vergelijking met het vroegere systeem. Dit terwijl we uit onderzoek weten dat de kosten die je voor kinderen maakt juist toenemen met de leeftijd. De bewering dat geen enkel gezin minder krijgt onder het nieuwe systeem klopt dus zeker niet.’
Ook het systeem van de sociale toeslagen werd hervormd. Onder het oude kindergeld werd daarvoor gekeken naar het statuut van de ouders. Enkel wie een uitkering of vervangingsinkomen kreeg, had recht op een toeslag op het kindergeld. Zo vielen gezinnen met een laag inkomen die geen uitkering kregen uit de boot. Onder het groeipakket hebben dus meer gezinnen recht op de toeslag. ‘Dat is op zich een positieve noot, maar de sociale toeslag is niet hoog genoeg om effectief de kosten die je voor kinderen maakt te kunnen dekken voor gezinnen die een armoederisico lopen. De rangorde- en leeftijdstoeslag hadden in het oude systeem een herverdelende rol, die hier volledig wegvalt. Dat verklaart ook mee waarom het nieuwe groeipakket globaal gezien weinig impact heeft op het armoederisico bij gezinnen met kinderen.’
Vlaamse besparingswoede
Het nieuwe groeipakket ontsnapt niet aan de Vlaamse besparingswoede. Volgens De Norre draagt dit voor een groot deel ertoe bij dat gezinnen erop achteruitgaan in vergelijking met het vroegere systeem. ‘Een belangrijk nadeel van het groeipakket is dat de inkomensgrenzen en de bedragen niet welvaartsvast zijn. Wat vroeger een deel van onze sociale zekerheid was, is nu een politiek instrument. De Vlaamse regering kan veel te gemakkelijk en eenzijdig beslissen om een indexsprong of onder-indexering toe te passen, zoals al gebeurd is.’
Begin 2020, amper een jaar na de start, werd het groeipakket al van de spilindex losgekoppeld. Daardoor kunnen de bedragen met maximaal twee procent per jaar stijgen. Voor dit jaar werd zelfs in die magere indexering gesnoeid. Dat wil zeggen dat het maandelijks basisbedrag deze maand met maar één procent steeg naar 171,48 euro, terwijl de stijging van de levensduurte bijna het tienvoudige bedraagt. Concreet betekent dat voor dit jaar een verlies van 20,37 euro per kind per jaar. Tegen het einde van de legislatuur in 2024 dreigt het verlies tot een veelvoud daarvan op te lopen, omdat het leven de afgelopen maanden alleen al tien procent duurder is geworden..
Het is bovendien niet de eerste keer dat de Vlaamse regering de kinderbijslag gebruikt voor besparingen sinds die bevoegdheid geregionaliseerd werd. Zo was er in 2015 een eerste indexsprong op alle bedragen. De leeftijds- en andere toeslagen uit het oude systeem worden momenteel niet geïndexeerd tot eind augustus 2025. Daarmee ging de Vlaamse regering lijnrecht in tegen de adviezen van het maatschappelijk relancecomité. Zij adviseerden om net meer te investeren in het groeipakket om de kinderarmoede in Vlaanderen terug te dringen.
Nationaal secretaris voor het Vlaams ACV Ann Vermorgen roept daarom de Vlaamse regering op om haar verantwoordelijkheid op te nemen en het groeipakket niet meer als besparingspunt te zien. ‘Dat is een bittere pil voor alle Vlaamse gezinnen, die hun koopkracht daardoor jaar na jaar zien slinken. Het groeipakket moet versterkt worden. De historische onder-indexering van het groeipakket moet gecorrigeerd worden. De bedragen én inkomensgrenzen moet weer volledig gekoppeld worden aan de gezondheidsindex.’
Dit artikel verscheen in Visie nr. 2 van dit jaar en werd aangepast aan de actuele situatie.

