Terwijl Netflix de huiskamers inneemt, zet een nieuwe Vlaamse regering de lijnen uit voor het komende mediabeleid. Ze wil de digitalisering stimuleren, maar haalt ook de ‘kaasschaaf’ boven. Bovendien staan de onderhandelingen over een nieuwe beheersovereenkomst met de VRT voor de deur. Die moet, volgens het Vlaamse regeerakkoord, ‘meer dan ooit focussen op het versterken van de Vlaamse identiteit’.
Ondertussen klitten de commerciële mediahuizen samen. Telenet mocht in 2019 van de Belgische Mededingingsautoriteit De Vijver Media (van VIER en VIJF) definitief overnemen en de fusie van Medialaan (VTM) met De Persgroep (Het Laatste Nieuws, De Morgen) resulteerde in het blitse DPG Media, dat verhuisde naar een heuse News City in Antwerpen. Zo zou 2019 wel eens een scharnierjaar voor de Vlaamse media kunnen blijken.
Het einde van de vierde macht?
Op 19 november publiceerde de Vlaamse Regulator voor de Media zijn jaarlijkse rapport over de mediaconcentratie in Vlaanderen, de mate waarin verschillende spelers de media in handen hebben. Naar jaarlijkse gewoonte stelt de VRM een verregaande mediaconcentratie vast: slechts vijf grote mediagroepen bezitten 80 tot 100 procent van het Vlaamse medialandschap. In 2016 onderscheidde de VRM nog negen groepen. Naast de VRT, DPG Media en Telenet/De Vijver Media zijn de hoofdspelers Mediahuis (De Standaard, Het Nieuwsblad) en Roularta (Knack, de Tijd). Uitgevers als het vroegere De Persgroep begeven zich nu bovendien op het gebied van radio en televisie, distributeurs zoals Telenet gaan zelf programma’s maken. ‘Ik denk dat de bodem nu wel is bereikt’, zegt Jonathan Hendrickx, doctoraatsstudent mediaconcentratie aan de VUB.
Mediaconcentratie zou het aanbod verschralen, de autonomie van journalisten bemoeilijken en minder diversiteit aan opinies teweegbrengen. ‘Maar net over die inhoudelijke concentratie zegt de VRM niets’, aldus Leen d’Haenens, professor mediabeleid aan de KU Leuven. ‘60% van de 20- tot 45-jarigen bekijkt vier tot zes nieuwsbronnen per dag en die zijn zeer bepalend voor opinievorming, maar dat is alleen interessant als er ook voldoende verschillende inhoud is.’
Momenteel onderzoekt Jonathan Hendrickx of de concentratie bij Mediahuis – een fusie tussen uitgevers Concentra en Corelio in 2013 –leidt tot inhoudelijke verschraling. ‘We zien toch dat de inhoudelijke overeenkomsten tussen artikels aanzienlijk is toegenomen’, zegt hij. ‘Anderzijds hadden verschillende kranten die fusies nodig om het hoofd boven water te houden. In De Standaard is daardoor ook meer ruimte gekomen om zich toe te leggen op onderzoeksjournalistiek.’
Daar hecht Tom Cochez weinig geloof aan. Hij onderzocht de Vlaamse mediaconcentratie als redacteur bij Apache.be, een onafhankelijke nieuwssite die inzet op onderzoek en daarmee een uitzondering is in de Vlaamse nieuwsmedia. ‘De journalistiek als métier en als vierde macht staat door de mediaconcentratie onder druk’, zegt hij. ‘Vroeger had je als journalist een bepaalde mate van controle over je werk, je kon met de eindredactie discussiëren. Vandaag zie je bij DPG Media dat een centrale redactie content aanbrengt waar managers van de verschillende merken, zoals VTM of HLN.be, quotes uit selecteren en vervolgens zonder context of auteurschap op sociale media gooien. Journalisten voelen zich contentleveranciers. Kranten werken ook steeds vaker in het Facebook-model, waarbij ze de data van lezers gebruiken om adverteerders aan te trekken. Daarvoor heb je kliks nodig en dat is een slechte motivatie voor journalistiek. Eigenlijk zou je journalistiek nooit aan de vrije markt mogen overlaten.’
Quid pro quo
De federale overheid zwengelt de mediaconcentratie zelf aan, beweert Cochez, onder meer door ‘distributiesteun’ aan bpost om kranten en tijdschriften gratis te bezorgen. Dat zou jaarlijks gaan om 120 miljoen euro ‘verkapte overheidssteun’ aan de grote mediagroepen (Mediahuis, Roularta, DPG media), maar bpost weigert – ‘omwille van het zakengeheim’ – dat contract volledig vrij te geven. Volgend jaar loopt het contract met bpost af. ‘Een opportuniteit’, zegt Hendrickx. ‘De overheid moet met het gedigitaliseerde mediagebruik afwegen of het nog nodig is om kranten en weekbladen gratis aan huis te brengen.’
Maar ook de nieuwe Vlaamse regering maakte in het licht van de mediaconcentratie opmerkelijke keuzes. Zo verplicht ze de VRT om mee te stappen in een Vlaamse Netflix, een streamingdienst voor Vlaamse programma’s waarvan vooral DPG Media een groot voorstander is. ‘Het is alle hens aan dek om advertentie-inkomsten te genereren’, zegt Leen d’Haenens. ‘Nu vloeien die immers voor 85% naar Facebook, Google, Netflix… of binnenkort Disney+.’ Op Roularta na verenigden dit jaar alle grote mediaspelers zich in een Belgian Data Alliance, een samenwerking om gepersonaliseerde reclame aan te bieden.
Gelijktijdig schafte minister van Media Benjamin Dalle (CD&V) de MediaAcademie voor journalistieke opleidingen en het Vlaams Journalistiek Fonds af. Dat laatste werd pas vorig jaar opgericht en verdeelde 500.000 euro onder elf innovatieve projecten, waaronder factcheckers tegen fake news en een productiehuis voor onderzoeksjournalistiek. Projecten dus die onafhankelijke journalistiek stimuleren en de mediaconcentratie uitdagen. ‘On-be-grijpelijk’, noemt Leen d’Haenens die beslissing. Maar het VJF was maar ‘een doekje voor het bloeden’, in de woorden van Jonathan Hendrickx. ‘Ik mis bij de Vlaamse regering het bewustzijn van het probleem van mediaconcentratie.’ Of de regering mediaconcentratie in de hand werkt, zoals Groen-parlementslid Tine Van den Brande in de commissie Media zei, wil hij niet gezegd hebben, ‘maar ze doet zeker niets om het tegen te gaan.’
Volgens de minister gaat het over de herschikking van een ‘versnipperd’ subsidieveld. Het is dus nog afwachten of er ook iets in de plaats komt. Voorlopig houdt Vlaanderen alleen nog het Fonds Pascal Decroos over om onafhankelijke journalistiek te ondersteunen, met een budget van jaarlijks zo’n 400.000 euro.
Het valt op dat het Vlaamse regeerakkoord veel vraagt van de VRT, weinig over heeft voor onafhankelijke initiatieven en de grote mediagroepen tegemoetkomt. Een beleid op maat van Christian Van Thillo, de grote man achter DPG Media, wordt wel gezegd. ‘Wij kunnen alleen maar vaststellen dat het regeerakkoord veel elementen bevat die al lang oude dromen van Van Thillo zijn’, zegt Tom Cochez. ‘Alles wat de VRT zou kunnen versterken, is tenietgedaan. Ik denk dat er in die wereld heel weinig geen quid pro quo is, maar het is onbewijsbaar of DPG Media daarvoor ook iets in ruil biedt.’

