De in de regeringsverklaring van 2019 aangekondigde vermogenstoets voor kandidaat-huurders van sociale woningen komt er dan toch. Vandaag werd bekendgemaakt dat wie vanaf 2024 aanspraak wil maken op een sociale woning, eerst het vermogen op zijn bankrekeningen moet aantonen.
Een alleenstaande zonder personen ten laste mag vanaf dan maximaal 25.850 euro bezitten. Voor een alleenstaande met één kind of een koppel zonder kinderen is dat 40.940 euro. Per bijkomend kind wordt het bedrag met 2.167 euro verhoogd. Dat komt overeen met het maximale jaarinkomen dat je mag hebben om aanspraak te maken op een sociale woning.
Symboolpolitiek
‘Ik stel mij hier toch heel wat vragen bij’, zegt Joy Verstichele van het Vlaams huurdersplatform. ‘In eerste instantie valt het moeilijk in te zien waarom überhaupt aan die vermogenstoets wordt gedacht. Er gelden al heel strenge regels voor mensen die zich op de wachtlijst willen inschrijven. Zo mogen zij geen eigendom bezitten en gelden er strikte inkomensdrempels.'
'Volgens ons stelt zich vandaag dan ook geen probleem van mensen met een rijk gevulde spaarboek die zich zouden aandienen om een sociale woning te huren. Zeker wie op een wachtlijst staat, heeft geen duizenden euro spaargeld, want die moeten van hun laag inkomen op de privé huurmarkt zien rond te komen waar zij een dure woning moeten huren die vaak niet in orde is.’
'Vandaag stelt zich in de praktijk geen probleem van mensen met een rijk gevulde spaarboek die zich zouden aandienen om een sociale woning te huren.'
Joy Verstichele, Vlaams huurdersplatform
De minister gaf in een interview met Radio 1 deze ochtend aan dat hij niet verwacht dat de genomen maatregelen effectief een groot verschil gaan maken. Over hoeveel mensen het zou gaan kan hij eveneens niet vermelden.
‘Dit is pure symboolpolitiek die de aandacht probeert af te leiden van het echte probleem, namelijk het aanpakken van de wachtlijsten en het effectief laten groeien van het aantal beschikbare woningen', aldus Verstichele. 'Nu gaat men die mensen weeral stigmatiseren, want hierdoor wordt nogmaals de schijn gewekt dat het om profiteurs gaat, terwijl dat uiteraard niet zo is. Het gaat over kwetsbare mensen die doorgaans in de laagste inkomenscategorieën zitten.'
Gevaarlijk precedent
Vorige week nog maar bleek dat de minister honderden miljoenen onaangeroerd laat die begroot zijn voor de bouw en renovatie van sociale woningen. Carien Neven, provinciaal directeur Limburg bij beweging.net en voorzitter Vereniging van Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen vindt dat de regering niet de juiste prioriteiten heeft.
‘De minister beweert dat de maatregel er komt omdat burgers zouden eisen dat de centen goed besteed worden, terwijl er bijna 2 miljard zit te wachten om effectief ingezet te worden. De minister zou zijn energie beter steken in het wegwerken van de wachtlijsten in plaats van zich met nutteloze symbooldossiers bezig te houden. Bovendien gaat die extra toets nog meer werk betekenen voor de sociale huisvestigingsmaatschappijen, die nu al op hun tandvlees zitten.'
Volgens Joy Verstichele schept dit bovendien een gevaarlijk precedent. ‘Wie momenteel een sociale woning huurt blijft voorlopig buiten schot, maar het baart mij wel zorgen dat de minister al aangaf dat de komende Vlaamse regering in 2024 hun vizier zou kunnen richten op de huidige huurders. Het kan niet de bedoeling zijn dat je gestraft wordt wanneer je een beetje kunt sparen door de ondersteuning die je krijgt. Bovendien is het utopisch om te denken dat wie net over de spaargelddrempel zit daarmee iets zou kunnen kopen op de huidige woningmarkt, zoals de minister het voorstelt.’

